Voorbereiding
- Kies een buitenlocatie met voldoende ruimte.
- Print de acht verschillende maanfasen: nieuwe maan, halve maan, volle maan, wassende maan, etc. op kaartjes.
- Maak per maanfase een korte opdracht of vraag. Deze kun je aan de achterkant van de afbeelding schrijven. Vervolgens kunnen de kaarten geplastificeerd worden.
- Verspreid de kaartjes door de buitenruimte. Je kan deze eventueel vastmaken met draad, zodat het niet kan wegwaaien.
- Leg een route vast of laat kinderen vrij zoeken.
- Zorg voor clipboards, potloden en een speurkaart per groepje.
Inleiding
De kinderen worden vandaag maanonderzoekers. Stel vragen, zoals: “Heb je wel eens gekeken naar de maan?”, “Wat viel je op?”, “Wist je dat de maan elke nacht anders is?” Laat de afbeeldingen van de verschillende maanfasen zien en bespreek kort dat de maan om de aarde draait. Hierdoor zien we soms de hele maan, soms maar een stukje en soms helemaal niets. Dit zijn de maanfasen en ze veranderen in een vaste volgorde in ongeveer 29 dagen.
Kern
- Verdeel de kinderen in kleine groepjes, van 2-4 kinderen.
- Elk groepje krijgt een speurkaart met lege vakjes voor de verschillende maanfasen die zij gaan zoeken.
- De groepjes gaan op zoek naar de maanfase kaartjes in de buitenruimte.
- Bij elke maanfase voeren ze een opdracht uit, zoals:
- Leg met je lichaam de vorm van deze maan na
- Zet de maan in de juiste volgorde op je speurkaart
- Leg uit wat een wassende maan is
- Beweeg als een astronaut
- Hoeveel manen heeft de aarde?
- Hoeveel dagen duurt het voordat we weer een volle maan hebben?
- Ga met drie kinderen staan als zon-aarde-maan.
- Waarom zien we altijd dezelfde kan van de maan?
- Waarom is er niet elke maan een maansverduistering?
- Na elke opdracht mogen ze de fase afvinken of tekenen op hun speurkaart.
- De speurtocht is klaar als alle maanfasen zijn gevonden en de opdrachten zijn uitgevoerd.
Uitbreiding en variatie
- Verdieping: laat kinderen de maanfasen in de juiste volgorde leggen met losse kaarten, gebruik redeneervragen in plaats van alleen herkenning, laat ze verbanden leggen tussen de zon, aarde en de maan.
- Verdiepende vragen: “Als de maan zelf geen licht geeft, waarom zien we haar dan toch?”, “Waarom zien we soms maar een deel van de maan?”, “Denk je dat iedereen op aarde tegelijk dezelfde maan ziet?”
- Zaklamp: met een zaklamp kun je laten zien dat de maan altijd wordt verlicht door de zon. Je kan de wassende maan laten zien, door het licht steeds meer te laten worden. De afnemende maan kun je laten zien met behulp van een zaklamp door het licht minder te laten worden.
- Beweging: combineer bewegingen bij de opdrachten.
- Kunstzinnig: laat kinderen na afloop de maanfasen tekenen.
Afsluiting
Sluit samen af in een kring door de maanfasen op volgorde te leggen en de vragen/ opdrachten op de achterkant te bespreken. Vraag voorbeelden en antwoorden vanuit de groep. Check naderhand wat de groepjes makkelijk/ moeilijk en het leukst vonden om te doen.
Tips voor de begeleiding
- Stel verdiepende vragen in plaats van antwoorden te geven als een groepje niet direct op het antwoord komt.
- Stimuleer samenwerking en taakverdeling binnen de groepjes.
- Laat kinderen fouten maken en zelf tot oplossingen komen.
- Houd het tempo en energie hoog door bewegingen in te zetten.
- Voeg eventueel een competitief element toe als dit motiverend werkt voor jouw BSO groep.
Materiaal
- Maanfase-kaarten, gelamineerd
- Speurkaarten per groepje
- Potloden
- Clipboards
Ruimte
Buitenruimte waar de kaarten verstopt kunnen worden, zonder dat deze kwijt raken.
Cognitieve ontwikkeling
Tijdens deze activiteit oefenen kinderen met logisch en abstract denken. Ze leren over de maanfasen en het ontstaan. Tegelijkertijd wordt er aandacht besteedt aan de zon en de aarde. Kinderen voeren een speurtocht uit waarbij zij leren ordenen en vragen te beantwoorden op basis van opgedane kennis. Ze maken kennis met astronomische begrippen en leren deze toe te passen in een betekenisvolle context.
Motorische ontwikkeling
De kinderen bewegen buiten door te rennen, lopen, buigen, etc. Daarnaast worden de fijne motorische vaardigheden aangesproken door te tekenen, schrijven en ordenen van maanfasen op de speurkaart. Deze activiteit wordt een actieve leerervaring, doordat bewegen en denken wordt gecombineerd!
Sociaal-emotionele ontwikkeling
De kinderen leren in kleine groepjes te overleggen, luisteren naar elkaar en verdelen eventueel taken. Ze oefenen met het respecteren van verschillende ideeën en antwoorden, en komen gezamenlijk tot een beslissing. Het ervaren van succes bij het oplossen van opdrachten versterkt het zelfvertrouwen en het gevoel van competentie.
Taalontwikkeling
Woordenschat wordt tijdens deze activiteit uitgebreid door begrippen zoals maancyclus, wassend, afnemend, schaduw. De woorden krijgen een betekenis door het toe te passen in opdrachten. Ze leren hun ideeën te verwoorden en antwoorden te bedenken. Het formuleren van conclusies stimuleert taalvaardigheid en begripsvorming.