Hoe laat jij jezelf zien aan de buitenkant… en wat zit er misschien nog onder? In deze activiteit maken kinderen een zelfportret dat verder gaat dan “zo zie ik eruit”. Met kleur, vorm en symbolen laten ze zien wie ze zijn, hoe ze zich voelen of wat belangrijk voor hen is. Een creatieve activiteit met diepgang, waarin kijken naar jezelf net zo belangrijk is als tekenen.
In deze activiteit gebruik je kunst als middel om kinderen na te laten denken over hun identiteit, hun gevoelens en hoe zij zichzelf ervaren. Het zelfportret wordt geen exacte weergave van hun gezicht, maar een persoonlijk beeld waarin ook karakter, stemming, kracht en twijfel zichtbaar mogen zijn.
De activiteit nodigt uit tot zelfreflectie en expressie, zonder dat kinderen iets moeten delen. Het kunstwerk spreekt voor hen.
Kies bewust een rustig moment waarop je niet hoeft te haasten. Deze activiteit werkt het best als kinderen de tijd krijgen om te denken én te maken. De activiteit kan hierdoor best een aantal keer over worden gedaan. Leg papier (A3), potloden, stiften, wasco en eventueel collage-materiaal klaar. Zorg voor een veilige sfeer door vooraf duidelijke afspraken te maken: iedereen werkt op zijn eigen manier, we vergelijken niet en delen is altijd vrijwillig.
Bespreek kort dan kunst iets kan zeggen over wie je bent en wat je leuk vindt. Kunst zet ons aan het denken. We vinden als snel iets mooi of niet mooi, maar is dat de bedoeling van kunst? Als iemand jou zou tekenen, hoe zou dat er dan uitzien?
Leg uit dat de kinderen een zelfportret gaan maken, maar niet alleen van hoe ze eruitzien. De kinderen mogen laten zien hoe ze zich voelen, wat er bij hun past of wat er belangrijk voor hun is. Benoem expliciet dat het geen mooie tekening hoeft te worden en dat gevoelens groot, klein, gek of vaag mogen zijn. Er moet worden afgesproken dat kinderen niet gaan vergelijken en tussendoor geen commentaar op elkaars werk mogen geven.
Stap 1: Even stilstaan bij jezelf
Voordat de kinderen gaan tekenen, nodig je ze uit om kort na te denken. Je kunt dit rustig begeleiden. Vraag bijvoorbeeld: “Denk eens aan hoe jij je vandaag voelt.”, “Waar ben je trots op?”, “Wat kost je soms moeite?”, “Welke emotie voel je vaak maar durf je niet te zeggen of uitten?”.
Kinderen hoeven hier niets te zeggen of op te schrijven. Het is bedoeld om iets in gang te zetten.
Stap 2: Het zelfportret
Kinderen tekenen een zelfportret. Dat mag een gezicht zijn, een lijf, een half figuur of zelfs een symbool. Jij benadrukt dat het zelfportret niet op hun hoeft te lijken. Loop veel rond en ondersteun door vragen te stellen aan de hand van je observaties: “Wat maakt dit stukje belangrijk voor jou?”, “Ik zie veel kleur hier, klopt dat met hoe jij je voelt?”
Stap 3: De ‘twist’ toevoegen
Nu nodig je kinderen uit om een extra laag toe te voegen. Dit kan bijvoorbeeld:
Stap 4: Tijd om te verdiepen
Geef kinderen de tijd om te blijven werken. Sommige kinderen gaan snel, anderen willen juist lang door. Jij bewaakt de rust en laat stilte bestaan. Als een kind vastloopt, help je door vragen te stellen, niet door oplossingen te geven.
Sluit af in een kring. Vraag of de kinderen iets willen vertellen of willen laten zien, maar let op dat dit veilig en vrijwillig kan. Je benoemt wat je ziet, zonder te duiden. Eindig dat iedereen mag zijn hoe zij willen zijn.
Let op: een kind heeft zijn kwetsbaarheid op papier gezet. Geef de kinderen de optie om het werk te bewaren en mee naar huis te nemen, maar ook om achter te laten of te versnipperen. Sommige kinderen zullen het werk niet mee naar huis willen nemen. Ga hier dus ook akkoord mee! Daarnaast kun je thema’s of emoties in het kunstwerk zien die je misschien zorgen maken. Ga niet achter de rug van het kind om door het meteen met ouders te bespreken. Ga eerst in gesprek met het kind en onderzoek daarin wat er nodig is. Let goed op dat het kind zich veilig voelt bij jou. Als jij over grenzen gaat, kan dit de relatie onherstelbaar beschadigen. Twijfel? Schakel je pedagogisch coach in.
Een rustige creatieve ruimte met tafels, waar kinderen eventueel wat uit elkaar kunnen zitten. Rust en overzicht zijn belangrijker dan gezelligheid bij deze activiteit.
Sociaal-emotionele ontwikkeling
Kinderen reflecteren op wie zij zijn en hoe zij zich voelen. Ze ervaren dat gevoelens en verschillen er mogen zijn en ontwikkelen meer zelfinzicht en zelfvertrouwen.
Kunstzinnige ontwikkeling
Kinderen leren dat kunst een middel is om iets persoonlijks uit te drukken. Ze experimenteren met kleur, vorm en symboliek om betekenis te geven aan hun werk.
Cognitieve ontwikkeling
Kinderen denken na over abstracte begrippen zoals identiteit en gevoel. Ze leren deze om te zetten naar beeld en maken bewuste keuzes in hun werk.
Taalontwikkeling
Bij het toelichten van hun werk oefenen kinderen met het verwoorden van gedachten en gevoelens. Ook leren zij luisteren naar de verhalen van anderen.